Thema-avond Eerste Wereldoorlog

Hogeschool Inholland Rotterdam organiseert op donderdagavond 8 november een thema-avond over de eerste Wereldoorlog. Op 11 november 2018 is het precies 100 jaar geleden, dat er eind kwam aan deze oorlog. Een gruwelijke oorlog, die in de ons omringende landen niet voor niets bekend staat als de Grote Oorlog. Voor belangstellenden uit het onderwijs organiseren wij een bijeenkomst met zes lezingen. Tijdens deze lezingen zullen niet de verschrikkingen van de slagvelden de boventoon voeren, maar wordt de oorlog vanuit andere invalshoeken belicht. Maakte de medische wetenschap werkelijk zulke enorme sprongen vooruit? Hoe werd deze oorlog in woord, beeld en muziek verbeeld door kunstenaars en ook door de gewone soldaat? Wat kunnen de enorme soldatenkerkhoven in België en Frankrijk ons nog vertellen? Verder is er aandacht voor de enorme vooruitgang in de vliegtuigindustrie. Er valt het nodige te vertellen over de dieren die in deze oorlog een niet onbelangrijke rol speelden. En wie was die Nederlander die een wereldwijde reputatie genoot vanwege zijn spotprenten over de oorlog?

Programma

Inloop: 19.00 uur
Eerste ronde lezingen: 19.30 uur
Tweede ronde lezingen: 20.30 uur

Hieronder worden de zes lezingen kort beschreven. Je vinkt drie lezingen aan die je zou willen bijwonen. Later hoor je bij welke twee je bent ingedeeld.

Inschrijving gesloten

Je kunt hiervoor contact opnemen met Albert van de Ree.

Het lijden en sterven in de Grote Oorlog

Lezing door Leo van Bergen

Tijdens de Grote Oorlog van 1914-1918 sneuvelden ongeveer 10.000.000 soldaten. Nog velen meer raakten al dan niet permanent fysiek of psychisch gewond en werden kort- of langdurig ziek. In zijn lezing zal Leo van Bergen, schrijver van Zacht en Eervol. Lijden en sterven in de Grote Oorlog (door menigeen gezien als het beste Nederlandse boek over de jaren 1914-1918) ingaan op de destructie van de oorlog. De slagveld- en loopgraafomstandigheden, het ongedierte, de enorme slagkracht van de conventioneel genoemde wapens, het gifgas, de psychische problematiek, de gezichtsmismaakten, de begraafplaatsen. Zij zullen allemaal aan de orde komen, evenals de machteloosheid van de medische zorg tegenover dit alles; een zorg die hopeloos tekort schoot door een gebrek aan man- en vrouwkracht en bovendien gebonden was aan de eisen van de militaire noodzaak.

Leo van Bergen (1959) studeerde geschiedenis aan de KU te Nijmegen. Zijn voornaamste onderzoeksterrein was de geschiedenis van het vraagstuk van oorlog en vrede. Later voegde zich daar de interesse in de geschiedenis der geneeskunde bij.

Nu is Leo als medisch-historicus verbonden aan het KITLV te Leiden waar hij onderzoek doet naar lepra in Nederlands-Indië. De relatie tussen oorlog en geneeskunde is echter sinds jaar en dag zijn specialiteit.

Christopher Nevinson, The Doctor (1916).

Ridders van de Lucht

Lezing door Erik Hoogenberg

De twintigste eeuw wordt gekenmerkt door grote technologische vooruitgang en gruwelijke oorlogen. Niet zelden zorgde juist een oorlog of dreigende oorlog voor die technologische sprongen vooruit. Dit was zeker het geval tijdens de Eerste Wereldoorlog. Voor het eerst werden de mitrailleur en onderzeeër op grote schaal ingezet tijdens een oorlog. Nieuw was ook het inzetten van vliegtuigen en tanks.

De komst van deze nieuwe middelen zorgde voor een ander slagveld dan voorheen. Deze veranderingen ontstonden echter niet zomaar. Aan de ene kant moesten politici en legerleidingen overtuigd worden van de mogelijkheden en noodzaak van de nieuwe middelen. Met het ontstaan van een vraag volgt het steeds verbeterde aanbod vanuit de industrie. Dit maakte de soldaat een pion op een schaakspel met steeds een ander speelveld en andere regels.

De luchtoorlog zoals die zich ontwikkelde tussen 1914 en 1918 was zelfs een geheel nieuw speelveld. Nu 100 jaar later is het lastig om voor te stellen hoe het leven van een piloot er in die dagen uitzag. Vaak is dat beeld gekleurd door romans en films.

Aan de hand van deze lezing krijgt u een beeld van wat de Eerste Wereldoorlog betekende voor de ontwikkeling van de luchtvaart en andersom. Hierbij wordt gekeken vanuit het perspectief van betrokken overheden, industrie en het lot van de piloot.

Gevechtsvliegtuigen 1ste Wereldoorlog.

Louis Raemaekers, oorlogsgetuige ‘met pen en potlood als wapen’

Lezing door Ariane de Ranitz

 De Londense Times wijdde in de zomer van 1956 een necrologie aan Louis Raemaekers, de felle anti-Duitse politiek tekenaar, die in zijn hoogtijdagen een wereldwijde reputatie genoot: ‘Er is van Raemaekers gezegd, dat hij de enige individu is geweest, die buiten de grote namen uit de geschiedenis – van koningen en keizers, staatslieden en opperbevelhebbers – een grote invloed heeft uitgeoefend op het verloop van de oorlog 1914-18. Zonder enige titel of status, heeft hij het lot van de mensheid bezegeld.’

 Hoe heeft deze Limburger zich in de eerste weken van de oorlog kunnen ontwikkelen tot een man die de neutraliteit van Nederland in gevaar bracht? Welke omstandigheden brachten hem ertoe zijn medewerking te verlenen aan de Britse geheime propagandadienst? In hoeverre is zijn werk van invloed geweest op de inmenging van president Wilson in de oorlog en de publieke meningsvorming in de Verenigde Staten?

 Ariane de Ranitz, auteur van Louis Raemaekers, ‘met pen en potlood als wapen’: politiek tekenaar van wereldfaam in de Eerste Wereldoorlog (2014) zal tijdens de lezing deze vragen voor u beantwoorden.

Satirieke kaart Europa: Het Gekkenhuis (1914).

De Grote Oorlog door de ogen van kunstenaar en soldaat gevangen in woord, beeld en geluid

Lezing door Albert van de Ree

De Eerste Wereldoorlog kende niet alleen heroïsche gevechten op de slagvelden, maar ook via woord, beeld en geluid werd er uiting gegeven aan heroïek, verdriet en onmacht. Er klonken na verloop van tijd steeds vaker geluiden door om op te houden met deze zinloze oorlogsvoering. Hoe verwoordden kunstenaars en ook de gewone soldaat de oorlog? Op vele manieren werd de oorlog gevisualiseerd. De film en ook foto’s speelden echter nog een tamelijk ondergeschikte rol. De beschrijvingen in brieven en op ansichtkaarten gaven gecensureerd wel iets meer weer. Het waren echter bovenal gedichten, tekeningen en schilderijen die de oorlog in een ander daglicht plaatsten. Tijdens deze lezing neem ik u mee aan de hand van Franse, Engelse en Duitse gedichten die vaak een overeenkomstige thematiek weergeven. De woorden worden tijdens de lezing ondersteund met beelden (tekeningen en schilderijen) en muziek van kunstenaars, die ook vaak zelf (vrijwillig) deelnamen aan de strijd in de loopgraven. Opmerkelijk is de kentering in de oorlogsbeleving die bij veel kunstenaars zichtbaar wordt. Niet alleen de beelden van Otto Dix drukken dit zo nadrukkelijk uit.

Zelfportret als god Mars met artillerie-helm (1915).

Otto Dix - Gewonde soldaat (1916).

De rol van dieren tijdens de Grote Oorlog

Lezing door Rik Roelfzema

Heel lang is de aandacht in de Eerste Wereldoorlog uitgegaan naar de gewonde en gesneuvelde soldaten. Zo’n twintig jaar geleden werden voor het eerst massaal de omgekomen dieren gememoreerd. Er verschenen monumenten ter nagedachtenis aan de gestorven dieren. Maar wat weten we eigenlijk over de rol die dieren hebben gespeeld in deze oorlog? Natuurlijk zijn er getallen, miljoenen dieren zijn omgekomen, de overlevingskans van een paard aan het front was ongeveer een tot maximaal vier weken. We weten dat er niet alleen paarden, maar ook muilezels, honden, katten en duiven waren die allen een functie hadden en met een bepaald doel werden ingezet. De inzet van al deze dieren roept veel vragen op: Waarom stierven paarden zo snel aan het front? Hoe kwam het dat de houding van mens ten opzichte van het dier veranderde? Waarom schoten veel eigenaren hun eigen hond, kat of paard dood toen ze dreigden geconfisqueerd te worden. Waarom gaven veel soldaten hun leven voor het dier? In deze overweldigende lezing met veel beeldmateriaal wordt antwoord gegeven op de hierboven gestelde en andere vragen.

Duiven met camera.

Dark Tourism of Herdenkingsindustrie?

Lezing door Karel Werdler

Hoewel de Eerste Wereldoorlog 100 jaar geleden werd beëindigd en er geen deelnemers en andere ooggetuigen meer in leven zijn, lijkt de belangstelling voor deze dramatische periode in de geschiedenis van de 20ste eeuw eerder groter dan kleiner te worden. Dat uit zich niet alleen in films (War Horse : Stefan Spielberg, 2011) en literatuur (Oorlog en Terpentijn: Stefan Hertmans, 2013), maar zeker ook in de grote aantallen bezoekers die jaarlijks locaties bezoeken die met deze oorlog verbonden zijn. Het fenomeen is reeds geruime tijd bekend en niet beperkt tot de voormalige slagvelden van Vlaanderen of rondom Verdun, maar ook zichtbaar bij het Turkse Gallipoli waar vooral bezoekers uit Nieuw- Zeeland en Australië komen. Waarom komen deze mensen, wat zijn hun motieven en gaat het hier om het herdenken van historische gebeurtenissen of zijn er persoonlijke redenen? Gezien de aantallen musea, reconstructies van forten en slagvelden, (militaire) begraafplaatsen en gedenktekens hebben we hier te maken met een structureel aanbod voor bezoekers die daadwerkelijk vanuit de gehele wereld komen en dus ook met een vorm van toerisme.

Sommige academici beschouwen deze vorm van toerisme als dark tourism en wijzen op de commodificatie en commercialisering die ter plaatse vaak aanwezig is, anderen spreken over herdenkingstoerisme of battlefield tourism en geven daarmee een geheel andere duiding aan het fenomeen. Tijdens de lezing zullen de verschillende definities met elkaar vergeleken worden en wordt er dieper ingegaan op de mogelijke bezoekersmotieven.

Karel Werdler BA MA is senior lecturer bij de opleiding Tourism Managament van Hogeschool Inholland te Diemen, Fellow van het Institute of Dark Tourism Research en o.m. auteur van het boek : Dark Tourism, de dood achterna (2014).

Tyne Cot, cemetry and memorial, Passendale België.