Amsterdam/Haarlem,
09
februari
2017
|
15:27
Europe/Amsterdam

'We kunnen meer in, van en met de praktijk leren'

Kenniswerkplaats

Een manier om de kenniscirculatie, samenwerking en innovatie in de driehoek onderzoek, onderwijs en het werkveld te bereiken zijn de zogenoemde ‘kenniswerkplaatsen’. Binnen de inspiratievisie De Gezonde Samenleving van het Domein Gezondheid, Sport en Welzijn (GSW) nemen ze dan ook een belangrijke plaats in.

Steeds meer opleidingen zoeken actief de verbinding tussen onderwijs, onderzoek én het werkveld in de vorm van kenniswerkplaatsen, labs of leer- en innovatienetwerken. Op de themadag van donderdag 26 januari wisselden de opleidingen en lectoraten van het Domein GSW - maar ook van andere domeinen - hun ervaringen uit. Hogeschooldirecteur GSW Heleen Jumelet: “Voor de beroepen waartoe we opleiden is het belangrijk dat onze studenten én docenten in, van en met de praktijk leren. Het is van belang voor de kwaliteit van ons onderwijs, innovatie van de beroepspraktijk en professionalisering van medewerkers.”

Kennisontwikkeling in de praktijk
Gastspreker Robert Duiveman, senior onderzoeker van de Haagse Hogeschool en de Hogeschool van Amsterdam, ging in op kenniswerkplaatsen en labs als dé nieuwe leer-werkvormen waarmee je maatschappelijke vraagstukken te lijf kunt gaan. Duiveman: “Bij het aanpakken van maatschappelijke problemen tellen niet meer alleen de feiten en wetenschappelijke kennis, maar ook meningen, omstandigheden en praktijkervaringen. Zo kun je een kapotte knie van een patiënt orthopedisch benaderen, maar het is voor de kwaliteit van leven van de patiënt van groot belang aandacht te hebben voor de gevolgen die de knie heeft voor diens functioneren in het sociale systeem. Weerbarstige problemen vragen om ‘making sense together’ als een vorm van kennisontwikkeling. Daarin is aan de slag gaan en al doende ‘improviseren’ weliswaar een belangrijk element, maar methodologische zorgvuldigheid en verantwoording vereist wel dat dit op systematische wijze gebeurt. Het biedt houvast om de fundamentele vragen die filosoof Donald Schön stelt in ‘The Reflective Practitioner’ (1983) er voor dit doel opnieuw bij te betrekken.”

Dit sluit goed aan bij de inspiratievisie De Gezonde Samenleving, waarin mensen worden gezien als meer dan een ziekte of probleem en waarin zorg, welzijn en sport worden verbonden om tot nieuwe, duurzame oplossingen te komen. Praktijkgericht onderwijs, ervaring opdoen in de praktijk, interprofessioneel werken en kennis van onderzoek(methoden) zijn hierbij essentieel voor de studenten. Duiveman: “We moeten als onderwijsorganisaties leren experimenteren en leren ontwikkelen van kennis ín actie en dat samen met heel verschillende belanghebbenden in de praktijk: burgers, professionele organisaties, bedrijven.”

Leren, reflecteren en verbinding
In samenwerking met de lectoraten heeft GSW inmiddels een aantal kenniswerkplaatsen neergezet, waaronder het Leer- en Innovatienetwerk van het lectoraat Gezondheid en Welzijn van kwetsbare ouderen, de Kenniswerkplaats transformatie jeugd Amsterdam (KETJA) van het Lectoraat Leefwerelden van Jeugd, de Actieacademie van de social workopleidingen social work [HI1] zuid en het Kennisplatform Sociaal Domein Noord-Holland van het lectoraat Maatschappelijk werk. Zij presenteerden zich op de themadag, evenals kenniswerkplaats Groene Hart Academie  van het Domein Agri, Food en Life Sciences (AFL).

Tijdens de workshops bleek dat het werken in kenniswerkplaatsen veel mogelijkheden en kansen biedt, maar dat er ook een spanningsveld is met het reguliere onderwijs en curricula die niet gelijk oplopen met onderzoeksagenda’s of actuele vragen uit de praktijk. Associate lector Roel van Goor (Leefwerelden van Jeugd) over KETJA: “De multidisciplinaire ouder- en kindteams in de stad vormen een bron van leerervaringen die interessant zijn voor meerdere opleidingen. Maar we willen de betrokkenheid van studenten en docenten proberen te verbreden. Hiervoor moeten we goed nadenken hoe we het curriculum meer flexibel kunnen inrichten. Ard Sprinkhuizen, lector Maatschappelijk werk: ‘Het is van belang om meerjarig, systematisch en programmatisch met belanghebbende partijen samen te werken en ook de betrokkenheid van studenten meerjarig te organiseren. Zo kan ook langer lopend onderzoek worden uitgevoerd, naar bijvoorbeeld eenzaamheid onder ouderen.”

Vorm en functies
De discussie na afloop ging in op de verschillende vormen en functies van kenniswerkplaatsen. Deelnemers vonden de diversiteit in vorm en inhoud die gegroeid was waardevol en bepleitten ruimte voor verschillen. Het doorontwikkelen van kenniswerkplaatsen zou uit moeten gaan functies: wat is er nodig en welke vorm past bij welke doelstellingen van partijen?

Sommigen pleitten hierbij voor toegankelijkheid voor alle studenten, anderen juist niet. Dit lijkt vooralsnog bepaald te worden door het accent dat wordt gelegd: op professionele beroepsproducten of kennisproductie. Als docenten zelf de begeleiding op zich nemen is er meer mogelijk. Daarmee dragen kenniswerkplaatsen ook bij aan permanente professionalisering van docenten.

Geconstateerd werd dat we in ons onderwijs nog veel ‘afregelen’, terwijl in kenniswerkplaatsen ruimte moet zijn voor actuele vraagstukken vanuit het werkveld. Een kenniswerkplaats opbouwen hoe dan ook kost tijd. Om oplossingen te vinden voor spanningen tussen actualiteit en onderwijs, kennisproductie en leren, exploreren en exploiteren, kwaliteit voor opdrachtgever versus leren en fouten mogen maken, en openstaan voor verschillende achtergronden en culturen van disciplines.

Reacties (0)
Het bericht is verzonden, deze zal worden geplaatst na goedkeuring.