Onderzoeksleerlijn Sociaal Ondernemerschap

laden

De laatste jaren laten een opmerkelijke groei zien van maatschappelijke initiatieven. Burgers zetten zich vrijwillig in voor de publieke zaak op uiteenlopende terreinen, bijvoorbeeld stadslandbouw, gebiedsontwikkeling, welzijn en zorg. Dergelijke initiatieven beschouwen wij als sociaal ondernemerschap.

Eind 2013 heeft het lectoraat een bundel gepubliceerd over sociaal ondernemerschap in de participatiesamenleving. Daarin worden de maatschappelijke initiatieven vanuit verschillende invalshoeken geanalyseerd. Wij willen onze activiteiten voortzetten samen met de actieve Rotterdammers op eigen initiatief en risico de stad beter willen maken. 
Lees hier meer over het boek Sociaal ondernemerschap in de participatiesamenleving

De lopende projecten op een rij

Wij ondernemen de volgende activiteiten:

  • Praktijkgericht (actie)onderzoek naar de wisselwerking tussen maatschappelijke initiatief en maatschappelijke sturing in de stad (op eigen initiatief en/of in opdracht).
  • Praktijkgericht onderwijs (o.a. de leergang 'De nieuwe ambtenaar. Meedoen is de basis')
  • Publiek debat (o.a. via ons platform De Makers van Rotterdam).

Die activiteiten willen we onderbrengen in een actie academie. Die academie brengt op verschillende plekken in de stad verschillende groepen mensen bij elkaar die van en met elkaar willen leren van de aanpak van maatschappelijke kwesties: burgers, professionals uit beleid en praktijk, onderzoekers, docenten en studenten. Het is een academie in en van de stad, waarin het gaat om de stad als sociaal laboratorium of 'living lab'. 

Een voorbeeld van onderzoek is Hefpark.
Bij het Hefpark wordt onder meer onderzocht welke actoren er actief zijn en welke factoren van invloed zijn op succes of falen van het initiatief. Daarnaast analyseren we de resultaten van de activiteiten rond Hefpark en de mate waarin die omschreven kunnen worden in termen van maatschappelijke impact en de sociale investeringen die worden gedaan.

Discoursanalyse Zelfredzaamheid

Zelfredzaamheid is een centraal begrip in de discussies van de laatste jaren rond welzijn en zorg. Zelfredzaamheid wordt vaak gezien als een belangrijk element de verandering die Nederland doormaakt van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving  en ligt aan de basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).

De vraag die in de onderzoek centraal staat is hoe zelfredzaamheid betekenis krijgt in de praktijk van het sociaal werk. Met welke andere begrippen wordt het begrip verbonden? Wie wordt gezien als zelfredzaam en wie niet? Hoe wordt er gesproken over mensen die zichzelf niet lijken te kunnen te redden? Onderzocht wordt hoe zelfredzaamheid wordt opgevat als iets dat vanzelf spreekt en hoe deze notie het handelen en denken in de sociale sector domineert, en wat de consequenties daarvan zijn.

Deze studie wil een aanzet bieden tot een debat over de vraag wat de waarde van zelfredzaamheid is. Het doel is te laten zien dat zelfredzaamheid niet vanzelf spreekt en dat de betekenis ervan afhangt van hoe het begrip in de praktijk invulling krijgt. Om zicht te krijgen op invullingen is onder meer gesproken met sociaal werkers in Rotterdam.

Contact: Philip Karré (philip.karre@inholland.nl)