Sportkunde voltijd

"Bedrijven houden zich meer bezig met de gezondheid van werknemers."

kiem-the200x292.jpg

Docent Kiem Thé

“Bedrijven houden zich meer bezig met de gezondheid van werknemers"

De gezondheid van werknemers: dat is de expertise van docent en coördinator Kiem Thé, die zich bij de opleiding Sportkunde richt op onderwerpen als vitaliteit, duurzame inzetbaarheid en gezondheidsmanagement in organisaties. Mede door de grote diversiteit aan werknemers, organisaties en arbeidsomstandigheden biedt dit werkveld studenten veel toekomstperspectief, stelt Thé.

Kiem Thé werkte als adviseur en onderzoeker voor TNO en het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB). Haar opdrachten gingen altijd over de connectie tussen arbeid en gezondheid. “Het is een heel interessant werkveld en ik vind het leuk om daar binnen deze opleiding invulling aan te geven. Ik krijg er de kans om te doen waar ik gepassioneerd over ben”, zegt Thé. Het vakgebied rondom werk en fitheid krijgt bij de opleiding Sportkunde aandacht binnen een uitstroomprofiel dat momenteel vorm krijgt – een proces waarbij Thé als coördinator fungeert.

Goede manager maakt verschil
Waar bedrijven de gezondheid van hun werknemers eerst als een privézaak zagen, houden ze zich er tegenwoordig vaker mee bezig, volgens Thé. “Eerst was hun vraag: mag ik wat doen? Nu is die: ik wil wat doen, maar hoe moet ik dat aanpakken? Daar wil Sportkunde op inspelen.” Volgens Thé kan een goede gezondheidsmanager die al vroeg de gezondheid van de werknemers bijstuurt, veel verschil maken. Zeker bij grote bedrijven met een flink aantal werknemers die ‘fysiek’ werk doen. Effectief gezondheidsbeleid leidt tot een afname van ziekteverzuim en productievere werknemers die meer plezier in hun werk hebben.

Pedalen onder bureau
Ingrijpen kan op heel innovatieve wijze. Thé noemt het voorbeeld van een afstudeeronderzoek van een studente voor een verzorgingstehuis. “Het bestuur vroeg zich af hoe het de fitheid en gezondheid van de oudere bewoners kon stimuleren, zodat ze langer zelfredzaam bleven. Zo hoefden verzorgers minder hulp te verlenen bij bijvoorbeeld wassen en aankleden, en hielden ze meer tijd over om leuke dingen met de cliënten te doen”, zegt Thé. Bij een an er project inventariseerden studenten wat het effect is van zogeheten dynamisch kantoormeubi air, waarmee je kunt zitten en staan tijdens je werk, of zelfs dankzij pedalen onder je bureau kun fietsen. Nu de crisis ten einde loopt, verwacht Thé dat bedrijven nog meer aandacht zullen tonen voor de gezondheid van hun personeel. “De opleiding wil studenten een ingang bieden in die organisaties, zodat ze daar gezondheidsbeleid kunnen vormgeven en mogelijk ook uitvoeren. Dat houdt in dat ze een beleidsplan maken op basis van de behoefte van het bedrijf, maar tegelijk praktisch aan de slag gaan, bijvoorbeeld door de bedrijfskantine door te lichten, individueel leefstijladvies te geven aan werknemers of een hardloopclub te organiseren.”

Veranderend werk
Volgens Kiem Thé is het belangrijk dat de opleiding en studenten nieuwe ontwikkelingen in de gaten houden. “Enige tijd geleden was er veel aandacht voor RSI, waardoor men tegenwoordig langdurig zitten als gezondheidsrisico ziet. Of neem de participatiesamenleving, die van mensen vraagt om goed voor zichzelf te zorgen en langer zelfstandig te zijn. Daar sluit het nieuwe uitstroomprofiel uitstekend op aan, met zijn focus op de vraag hoe mensen langer gezond en fit hun werk kunnen doen.” Een andere ontwikkeling is de veranderende aard van het werk. “Pas wees een gastdocent ons er nog op dat we lang niet allemaal bij een baas aan het werk gaan voor ik-weet-niet-hoeveel jaar. Je eigen ondernemerschap wordt steeds belangrijker”, zegt Thé.

Ze voegt toe dat er bovendien lang niet altijd sprake is van één vaste werkplek. “Er is veel ambulant personeel dat in deeltijd of ploegendiensten werkt, of veel op de weg zit. Die krijg je niet naar een klassikaal fitnessuurtje. Voor die doelgroep moet je iets anders verzinnen, bijvoorbeeld met behulp van apps. Bedrijven die met innovatieve oplossingen bezig zijn, vragen studenten Sportkunde om er onderzoek naar te doen. Ik zie veel toekomstperspectief voor hen op dit gebied.”

Heb je vragen?

Wij helpen je graag verder!