3e-jaarsstage

laden

In het programma van elke opleiding zijn voor het derde studiejaar tenminste één stage opgenomen. De periode waarin deze stage plaatsvindt kan per opleiding verschillen. 

Doel van de praktijkstages derde jaar:

  • in een leerwerksituatie binnen de beroepspraktijk de in het eerste en tweede studiejaar verworven kennis toepassen en toetsen;
  • intensief kennis maken met het toekomstige werkveld;
  • nieuwe kennis en beroepsgerichte vaardigheden opdoen, die niet op school kunnen worden verworven;
  • de organisatie en de werkzaamheden die daar plaatsvinden kunnen plaatsen binnen het werkveld;
  • individuele beroepsoriëntatie/leerwensen en leerbehoeften formuleren voor het vervolg van de opleiding;
  • helder en zakelijk kunnen rapporteren;
  • ontwikkelen algemene vaardigheden en persoonlijkheidskenmerken;
  • initiatief;
  • zelfstandigheid;
  • eigen werk organiseren en plannen;
  • flexibiliteit;
  • sociale vaardigheden;
  • in teamverband werken.

Behalve deze algemene leerdoelen kunnen specifieke leerdoelen worden vastgesteld per opleiding, per stage en zelfs per individuele student. 

Aanvang en afronding

Bij het begin van de stage krijgen de student, de stagebieder en de docent/begeleider van Hogeschool Inholland Delft een schriftelijke bevestiging van het begin van de stage. Meteen aan het begin van de stage moet de student een plan van aanpak maken en dit bespreken met de stagebieder en de begeleidende docent / stagebegeleider. In het werkplan moet het verwezenlijken van de leerdoelen van de stage tot uitdrukking komen. Het plan van aanpak vormt het uitgangspunt voor de begeleiding tijdens de stage en voor de eindbeoordeling.
Aan het begin van de opleiding krijgt de student op de hogeschool begeleiding bij het opstellen van het plan van aanpak en bij het schrijven van het verslag.

Een stage wordt afgesloten met een beoordeling door de stagebieder en met een stageverslag. De stage is afgerond wanneer voor beide een voldoende is behaald. De eindbeoordeling van het verslag wordt toegekend door de begeleidende docent / stagebegeleider. Deze is echter niet betrokken bij de beoordeling van de stage door de stagebieder.

Begeleiding tijdens de stage

De begeleiding tijdens de stage moet erop gericht zijn de student in staat te stellen de stageopdracht(en) uit te voeren en de leerdoelen te verwezenlijken. In de eerste plaats valt hierbij te denken aan het "inwerken" en wegwijs maken binnen de organisatie van de student door de stagebieder. Verder is tussentijdse evaluatie van de voortgang van de stage belangrijk, om te voorkomen dat de student bij de eindbeoordeling voor verrassingen komt te staan. Daarnaast kan het bijwonen van of deelnemen aan vergaderingen, workshops, seminars, vakbeurzen, tentoonstellingen, excursies en dergelijke dikwijls bijdragen tot een succesvol verloop van de stage.
De begeleidende docent / stagebegeleider is vooral betrokken bij het begin (het vaststellen van het plan van aanpak) en de afronding (de beoordeling van het verslag) van de stage. Zowel de student als de stagebieder kunnen tijdens de stage altijd een beroep doen op de docent, bijvoorbeeld wanneer er vragen zijn of er zich problemen voordoen.

Richtlijnen stageverslag

Het stageverslag vormt de afsluiting van de stage. Het bevat de uitwerking van de in het werkplan geformuleerde stageopdracht in voor de stagebieder bruikbare (onderzoeks)resultaten, analyses, conclusies en aanbevelingen. Daarnaast moet uit het stageverslag blijken in hoeverre de student de leerdoelen heeft verwezenlijkt. Op basis van het verslag en de eindbeoordeling door de stagebieder beoordeelt de hogeschool of de stage met voldoende resultaat is afgerond.
Hoewel de opzet van het stageverslag in de eerste plaats wordt bepaald door stageopdracht en leerdoelen, zijn er ook enkele algemene richtlijnen met betrekking tot inhoud en indeling, waaraan elk verslag moet voldoen:

  • beknopte beschrijving van de organisatie van de stagebieder (met organigram) en van de doelstelling van de organisatie;
  • plaats van de student binnen de organisatie;
  • omschrijving van de stageopdracht.

Verdere richtlijnen worden per opleiding medegedeeld.