‘Ik kan niet stilzitten als mensen hulp nodig hebben’


Erik Zijderveld

Erik Zijderveld

Erik Zijderveld

“Ik heb me ingeschreven voor Verpleegkunde bij Hogeschool Inholland, omdat ik graag mensen wil ondersteunen die dat het hardst nodig hebben. En voor wie je ook echt het verschil kunt maken.”

Erik Zijderveld zit nu in het eerste jaar: “Waar die hoge motivatie vandaan komt? Dat is een lastige… ik kan dat niet precies zeggen. Mijn moeder werkt in de zorg, dus je krijgt er natuurlijk wel wat van mee. Het komt erop neer dat ik niet stil kan blijven zitten als ik zie dat mensen hulp nodig hebben. 

Stilzitten is sowieso niet mijn ding. Ik heb veel vrijwilligerswerk gedaan en heb in allerlei besturen gezeten. Ik neem graag het voortouw, ben kritisch en denk graag proactief mee over allerlei zaken. Daarnaast zie ik mezelf wel als een doorzetter en iemand die hard werkt, maar ook houdt van gezelligheid, een drankje erbij, enzovoort.”

'Het beroep van ambulancebroeder lijkt me vet'

“Mijn focus binnen deze opleiding ligt op de acute zorg. Ik wil het beroep van ambulancebroeder gaan uitoefenen. Dat lijkt me heel vet: in de auto op weg naar situaties waarbij je direct mensen helpt en direct een verschil kunt maken. Soms door iemand gerust te stellen, maar ook door concreet wat te doen. Bijvoorbeeld de eerste medische handelingen verrichten om iemand te stabiliseren en vervolgens zo snel en zo goed mogelijk bij de arts zien te krijgen.

Het acute, onverwachte geeft ook adrenaline. Een beetje de spanning, de uitdaging opzoeken, past bij mij. Nee, ik deins niet terug voor zware lichamelijke letsels of mensen verschonen, enzovoort… Je komt van alles tegen in dit werk.”

Elkaar op scherp zetten en verder brengen

Waarom de keuze voor Hogeschool Inholland Amsterdam? Erik: “Om verschillende redenen. Amsterdam heeft natuurlijk een fijne studenten vibe en deze hogeschool leek me heel toegankelijk en goed bij mij passen. Ik heb er zelf een beetje rondgekeken en er verhalen over gehoord van kennissen. Die waren heel positief, vooral over het goede contact met docenten en de mogelijkheid het gesprek aan te gaan.

Ik zit er nu een paar maanden en het klopt. Het contact is prima en je kunt ook kritisch zijn; de opleiding staat er open voor. Voor mij is dat belangrijk. Ik houd ervan om te sparren en vragen te stellen waarmee je elkaar op scherp zet en verder brengt.”

Goede afwisseling theorie-praktijk en nadruk op dóen

“Inhoudelijk en qua leer- en werkvormen is de opleiding afwisselend. Tijdens de colleges krijg je de theoretische basis. Parallel daaraan lopen klinische lessen waarin je met een groep aan de slag gaat met een praktijkcasus. Die ga je analyseren en vervolgens bedenk je samen: hoe kun je deze patiënt het best helpen?

Daarnaast hebben we praktijklessen in een ruimte waar bedden staan en poppen waarmee je kunt oefenen. Zo leer je allerlei medische handelingen verrichten, zoals de bloeddruk meten, maar ook iemand verplaatsen, enzovoort. Het is heel toepassingsgericht, dat vind ik prettig. Ik leer het best door te doen.”

"Ik houd ervan om te sparren en vragen te stellen waarmee je elkaar op scherp zet en verder brengt."

"Samenwerken is iets dat ik graag doe en dat ook sterk verbonden is met de zorg en het beroep van verpleegkundige."

'Meelopen op de werkvloer… zin in!'

“Over doen gesproken, volgende week begint mijn eerste, oriënterende stage. Ik mag vijf weken meelopen en rondkijken op de afdeling KNO van het UMC in Amsterdam. Dat wordt vast vroeg opstaan, maar ik zie er naar uit. Ik ben vooral heel benieuwd naar hoe het echt op de werkvloer gaat.

Ik hoop op een leuke samenwerking met collega’s. En een open sfeer, waarin je veel dingen kunt vragen en nieuwsgierig mag zijn, ondanks de hoge werkdruk. Overigens schrikt die hoge werkdruk me niet af; ik zie dat als een uitdaging.”

'Samen denk je vooruit en versterk je elkaar'

“Samenwerken is iets dat ik graag doe en dat ook sterk verbonden is met de zorg en het beroep van verpleegkundige. Je overlegt met collega’s, familie, de fysiotherapeut, de huisarts, de specialist… Als je daarbij gebruik maakt van ieders kracht en kwaliteiten kom je veel verder dan wanneer je in je eentje bezig blijft. Samen denk je vooruit: waar kan een patiënt wat mee? Hoe kunnen we deze persoon verder helpen? Het lijkt mij leuk om daarin mee te denken en initiatief te nemen, mensen positief te verrassen.”