Niet vóór kinderen, maar mét hen: hoe Meerwijk samen met kinderen de buitenruimte inricht
“Kinderen weten zélf heel goed wat ze nodig hebben om meer te bewegen,” zegt Tim Vreeburg, coördinator van het Sport- en Beweeglab Haarlem en docent-onderzoeker bij het lectoraat Kracht van sport en bewegen van Hogeschool Inholland. In de Haarlemse wijk Meerwijk, waar gezondheidsverschillen groot zijn, nemen we de stem en mening van bewoners, waaronder kinderen serieus. Daarom betrekken we kinderen vanaf het begin bij het ontwerpen van naschoolse activiteiten.
Vanuit het Sport- en beweeglab – een samenwerking tussen Hogeschool Inholland, SportSupport Kennemerland, gemeente Haarlem, CIOS en Buurts – werken studenten Sportkunde sinds september samen met kinderen, buurtbewoners en professionals aan speelmomenten in de wijk. Dit gebeurt in de vorm van een living lab: een plek waar leren, ontwikkelen en experimenteren samenkomen. Twee keer per week organiseren ze een activiteit in de openbare ruimte, afgestemd op de leefwereld van kinderen van 10 tot 12 jaar.
Kinderen laten hun stem horen
In het living lab staat co-creatie centraal. Het is een sleutel tot langdurige impact. Co-creatie zorgt voor eigenaarschap en aansluiting bij de wensen en behoeften. Het geeft de wijkbewoners grip op hun directe leefomgeving en dat geeft een gevoel van vertrouwen en veiligheid Door te luisteren naar kinderen en hun ideeën serieus te nemen, ontstaat er iets dat verder gaat dan een middag buitenspelen. Kinderen krijgen letterlijk én figuurlijk ruimte om hun stem te laten horen in hun eigen wijk.
TikTok-dans of een wedstrijd
In plaats van te bedenken wat kinderen nodig zouden kunnen hebben, stellen studenten gewoon de vraag aan kinderen: “Wat wil jij doen buiten schooltijd?” Het antwoord wisselt van een TikTok-dans tot spelletjes, en soms iets wat niemand had kunnen bedenken. “Als kinderen zélf mogen meedenken en meedoen, blijven ze terugkomen”, vertelt een van de studenten. “Dit lijkt vanzelfsprekend”, zegt Tim, “Maar dat is het absoluut niet.”
Samen leren en ontwikkelen
“We kiezen nu eens niet voor de standaardinterventies, maar voor echte samenwerking met kinderen”, zegt Tim. “We maken dus geen beleid over hun hoofden heen, maar kiezen ervoor samen met ze te leren en te ontwikkelen. Zo moet het Sport- en Beweeglab de komende jaren uitgroeien tot meer dan een leeromgeving: het is een plek waar beleid, praktijk en onderwijs elkaar ontmoeten in de leefwereld van de kinderen.”
Serieuze resultaten
Ook de gemeente Haarlem ziet deze aanpak als een vorm van lerend beleid: het lab biedt inzichten waarmee bijgestuurd kan worden, én is het een krachtige leerplek voor studenten en professionals. En dat is precies waar het om draait. “Want zolang we kinderen alleen zien als doelgroep, blijven we oplossingen bedenken die niet blijven plakken”, zegt Tim. “Maar als we hen erkennen als mede-makers van hun omgeving, komt er iets in beweging. De ervaring in Meerwijk laat zien: wie kinderen serieus neemt, krijgt ook serieuze resultaten.”
Motorische ontwikkeling
“Onlangs organiseerden we een ontwerpsessie met kinderen voor een speelplek aan de Pasternakstraat. Het is mooi om te zien hoe ze zelf met ideeën komen. Zo willen ze een kingveld, en speelelementen met nummers, zodat ze daar hun eigen volgordes mee kunnen maken en telkens een nieuw parcours bedenken. Dat geeft ze een gevoel van keuzevrijheid én helpt ongemerkt bij hun motorische ontwikkeling”, vertelt Tim.
Niet helemaal vrij laten
“De elementen waaruit ze kiezen, selecteren wij vooraf zorgvuldig, juist op basis van hun ontwikkelingswaarde. Kinderen helemaal vrij laten werkt vaak niet: dan komen er ideeën als enorme glijbanen of zwembaden. Dat kunnen we simpelweg niet realiseren. Maar door een slimme selectie aan te bieden, geven we ze wél ruimte om te kiezen. Zo hebben ze invloed, binnen een haalbaar en doordacht kader.”