Studenten Social Work en ervaringsdeskundigen STERKplaats samen aan de slag
Mensen met een (verstandelijke) beperking en studenten van Hogeschool Inholland Haarlem van elkaar laten leren. Dat is de opzet van de STERKplaats, die in september 2021 bij Inholland Haarlem werd geopend. Meerdere opleidingen werken al samen met de ervaringsdeskundigen van de STERKplaats. Zoals Social Work, waar studenten en ervaringsdeskundigen samen aan de slag gaan met technologische uitdagingen. Daarbij staat het perspectief van de cliënt voorop.
In de praktijk blijkt dat echter helemaal niet altijd logisch, vertelt Anies, projectleider vanuit de STERKplaats. Anies heeft cerebrale parese (spasticiteit) en is rolstoelgebonden. Hij spreekt moeilijk en is daardoor niet altijd goed te verstaan, maar is wel sterk in communicatie. Anies merkt regelmatig dat er oplossingen vóór in plaats van mét hem worden bedacht. “Een keer had een begeleider iets bedacht waarbij ik een mobiele telefoon met mijn handen moest bedienen. Maar ik ben niet goed met de coördinatie van mijn handen, ik moet dat met mijn joystick doen. Zulke dingen zijn voor mijn leven heel belangrijk. Ik heb aanpassingen nodig om sommige dingen te kunnen doen, en ik weet zelf welke dat zijn en wat goed werkt.”
Papier of praktijk?
Dat is wat Marika de Witt betreft ook precies de bedoeling van de samenwerking, vertelt ze. Marika is docent, leercoach en profielleider Jeugd bij de opleiding Social Work. “Het is goed als de toekomstige zorgprofessionals, onze studenten dus, al vroeg leren om vanuit de behoefte van de cliënt te denken. Over het algemeen zijn mensen toch erg geneigd om snel in oplossingen te denken, of om dingen te doen omdat ze nu eenmaal altijd zo gaan. Heel fijn als dat op papier werkt, maar werkt het in de praktijk ook echt? Door onze studenten samen te laten werken met de ervaringsdeskundigen uit de STERKplaats, willen we hun onderzoekende houding versterken. Straks tijdens hun stage, of later in het werkveld, gaan ze dan hopelijk ook vragen: waaróm doen we het eigenlijk zo?”.
In het eerste semester van het nieuwe studiejaar, gaan zo’n 40 Social Work-studenten vanuit de Inholland-locaties Alkmaar en Haarlem aan de slag met het project. Daarbij krijgen ze gastlessen van Anies en/of zijn collega’s, waarna ze met een concrete technologische casus aan de slag gaan. Ervaringsdeskundigen vertellen dan hoe technologische hulpmiddelen hen helpen in het leven. En dat andere mensen met een beperking daarmee ook meer eigen regie kunnen krijgen over hun leven. Marika de Witt: “Bij een kapotte elektrische rolstoel kun je ervoor kiezen om iemand snel in een tijdelijke duwrolstoel te zetten, maar dan is die persoon wel zijn of haar zelfstandigheid en eigen regie kwijt. Als sociaal werker moet je snappen hoe belangrijk dat voor iemand is, zodat je snel tot de juiste actie kunt overgaan. Zo help je mensen om, ondanks hun beperkingen, hun leven zo optimaal mogelijk in te richten.”
Ervaringen en frustraties
“Verder valt te denken aan de inzet van apps. Is het taalniveau wel geschikt voor de gebruikers, en heeft iemand de fysieke en mentale mogelijkheden om die app te gebruiken? Het is voor onze studenten heel goed om te horen hoe de ervaringen zijn en soms ook de frustraties te horen als het iemand niet lukt. Het zijn dan ook doe-lessen, geen colleges, waarmee we vooral willen dat het denken vanuit cliëntperspectief een boost krijgt.”
Anies hoopt dat studenten wat kunnen leren van hem en van hoe hij de wereld ziet en beleeft. En daarna ook van zijn medecliënten, waarbij studenten goed kijken naar ‘de vraag’ en naar iemands individuele situatie. Anies: “Wat voor de een goed werkt, hoeft niet altijd voor de ander goed te werken. En soms heb je in 10 minuten een goede oplossing bedacht, maar vaak heeft een begeleider ook meer tijd nodig om te bedenken hoe iets moet. Niet alles hoeft snel. Zelf hoop ik dat de studenten mooie nieuwe ideeën hebben, waardoor ik zelf weer ga nadenken en iets kan leren.”
Jongeren onder elkaar
Hoewel Marika erg uitkijkt naar dit project, zal zij zelf niet bij de lessen aanwezig zijn. “Nee hoor, dan wordt het veel te ‘schools’. Jongeren onder elkaar, die moeten zich vrij voelen om samen aan de slag te gaan. Ik vind dit een leuke en verrassende onderwijsvorm, het is niet regulier. In de terugblik tijdens het toetsen hoor ik wel terug wat studenten hiervan hebben geleerd en dan hoop ik natuurlijk dat ze iets hebben opgestoken dat ze hun hele verdere carrière meenemen.”