Docent en expert Erik Laan: ‘Ruimtevaart gaat over de toekomst van ons allemaal’
De ruimte is allang niet meer de grenzeloze leegte waar alleen wetenschappers en sciencefictionliefhebbers zich mee bezighouden. Ze is vandaag de dag een geopolitieke arena, een economische markt én een strategische infrastructuur. In dat speelveld deelt Erik Laan, ruimtevaartdeskundige en docent bij Hogeschool Inholland, steeds vaker zijn expertise. Met zijn recente bijdragen aan onder andere NU.nl, Volkskrant, NOS, NRC, Nieuws & CO en Stand van Nederland, laat hij zien hoe ruimtevaartbeleid verweven is met onze maatschappij, waarom kennis hierover onmisbaar is binnen het hoger onderwijs en hoe het onderwijs een bijdrage levert aan het opleiden van toekomstige ruimtevaartingenieurs.
Toegang tot de ruimte: een strategische noodzaak
Erik benadrukt keer op keer het belang van de strategische autonomie voor Europa. Dat gaat over veel meer dan technologie alleen. “We moeten als Europa in staat zijn om zelf satellieten te lanceren. Niet alleen voor aardobservatie en telecommunicatie, maar ook voor navigatie en veiligheid.” In meerdere media waarschuwde hij voor de risico’s van afhankelijkheid van buitenlandse partijen, bijvoorbeeld Amerikaanse raketten of commerciële netwerken zoals Starlink. Als die toegang wordt beperkt, zijn de gevolgen direct voelbaar van haperende navigatie tot een verminderde informatiepositie bij internationale spanningen.
Die urgentie wordt duidelijk bij het haperen van de Ariane 6, de nieuwe Europese draagraket die de opvolger is van de succesvolle Ariane 5. Tijdens een radioprogramma legde Erik uit dat de lancering op het laatste moment werd afgeblazen vanwege een technisch probleem. Toch is hij hoopvol: “Er staan dit jaar vijf lanceringen gepland, waaronder voor telecom, observatie en navigatie. Als die goed verlopen, kunnen we naar tien per jaar groeien.” Die ontwikkeling is volgens Erik essentieel om Europa minder afhankelijk te maken van de VS of commerciële reuzen als SpaceX, dat dankzij herbruikbare raketten momenteel een kostenvoordeel heeft.
Geopolitiek boven onze hoofden
Dat strategische belang beperkt zich niet tot technologische onafhankelijkheid. Erik maakt inzichtelijk hoe satellieten een cruciale rol spelen in geopolitieke spanningen. In gesprek met de Volkskrant benoemt hij de inzet van observatiesatellieten door Frankrijk, onderdeel van een groeiend netwerk dat gebruikt wordt voor optische spionage. Denk aan het monitoren van troepenbewegingen rond Oekraïne — informatie die voorheen vooral via Amerikaanse satellieten werd verkregen. “We moeten zelf die capaciteit opbouwen,” zegt hij. “Niet uit wantrouwen, maar uit realisme: je kunt je veiligheid en informatietoegang niet uitbesteden.”
Dat werd ook pijnlijk duidelijk in het conflict in Oekraïne, waar Elon Musks Starlink-netwerk werd ingezet voor communicatie maar ook weer (deels) werd uitgeschakeld. In NRC legt Erik uit dat dit een kwetsbare positie blootlegt. Europese alternatieven zoals Eutelsat staan klaar, maar kennen beperkingen in bereik en betrouwbaarheid. Het toont volgens hem aan dat ruimtevaart allang geen neutraal domein meer is. De beslissingen van een tech-ondernemer kunnen directe gevolgen hebben voor landen, zeker in tijden van oorlog.
Ruimte als gedeeld domein — of als strijdtoneel?
Er klinkt bij Erik weemoed door. Hij spreekt met spijt over de afnemende samenwerking tussen landen, waar ruimtevaart ooit juist een voorbeeldfunctie in had. “Het ISS is nu nog de enige plek waar Amerikanen en Russen samenwerken. Dat model van samenwerking raakt uit beeld, en dat is jammer. Ruimte zou een plek moeten zijn voor gezamenlijke vooruitgang, niet voor nationalistische concurrentie.”
In het interview met NU.nl haalt hij ook het juridische vacuüm aan: wie ‘bezit’ de ruimte eigenlijk? Volgens het Ruimteverdrag van 1967 kan geen enkel land territoriale aanspraken doen, maar in de praktijk schuurt die afspraak steeds meer met de werkelijkheid. De opkomst van commerciële exploitatie, militaire toepassingen en ‘ruimtewapens’ roept vragen op waar het huidige recht nog geen antwoord op heeft.
Van het klaslokaal naar de camera
Deze inzichten vanuit zijn expertise deelt Erik gelukkig niet alleen met beleidsmakers en het grote publiek, maar juist ook met studenten. Als docent bij de Nederlandstalige opleiding Luchtvaarttechnologie, Engelstalige opleiding Aeronautical Engineering en de Space Engineering Minor voor Inholland studenten van bovengenoemde bachelors en studenten van andere hbo Engineering opleidingen staat hij voor de klas met dezelfde bevlogenheid als waarmee hij spreekt in de media. De voorbeelden uit de praktijk die hij op nationale televisie toelicht, zijn al onderdeel van het onderwijs van Erik en zijn collega's. En spelen een belangrijke rol in de samenwerking met uiteenlopende organisaties en instellingen uit de praktijk. Zo snijdt het mes aan twee kanten en wordt kennis over en weer uitgewisseld en actief toegepast. Dat versterkt het opleiden van de volgende generatie lucht- en ruimtevaartprofessionals die gaan werken op het snijvlak van technologie, veiligheid, duurzaamheid en internationale samenwerking.
Ruimtevaart als spiegel van onze tijd
De ruimte is geen ver-van-ons-bed-show. Ze is een verlengstuk van onze infrastructuur, ons beleid en onze economie. In die zin fungeert ruimtevaart als een spiegel van de tijd waarin we leven: vol ambitie, maar ook vol dilemma’s. Erik Laan laat zien dat het onderwijs bij Hogeschool Inholland midden in deze realiteit staat — als plek waar actuele thema’s worden besproken, onderzocht en doorgegeven.
Wil je meer weten over ruimtevaart, luchtvaarttechnologie of technologische innovatie? Volg Erik Laan of ontdek hoe Hogeschool Inholland bijdraagt aan het begrijpen én vormgeven van de wereld van morgen.