Leesbevordering op de pabo
Een nieuwe aanpak voor toekomstige leraren
Gaby Verhoeven, lerarenopleider Nederlands bij de pabo van Inholland Rotterdam, startte afgelopen zomer als docent-onderzoeker bij het lectoraat De Pedagogische Opdracht. Met haar onderzoek voor het lectoraat wil ze graag bijdragen aan leesbevordering op de pabo. “Leesvaardigheid is een belangrijk en actueel onderwerp. Collega’s zien het belang en de meerwaarde en reageren enthousiast. Ze staan haast te springen om met mij in gesprek te gaan,” vertelt Gaby.
Terwijl haar onderzoek loopt, is de pabo bezig met het ontwerpen van een nieuw curriculum. “Ik ga onderzoeken hoe leesbevordering daar een plek ik kan krijgen en ik wil het leesplezier van studenten vergroten.” Haar dubbele rol van docent-onderzoeker en lerarenopleider geeft haar een unieke positie. “Ik kijk naar dit onderwerp als onderzoeker en ontwerper, maar ook als lerarenopleider die volgend jaar gewoon aan de gang moet met dat nieuwe curriculum. Ik ben nauw betrokken bij het vormgeven van het nieuwe curriculum en zit zelf aan tafel bij het ontwerpen. Als ik een opening zie voor leesbevordering, dan geef ik dat natuurlijk meteen aan.”
Momenteel analyseert Gaby wat er binnen de pabo al aan leesbevordering gedaan wordt. Ze onderzoekt hoe leesbevordering is vastgelegd in documentatie en in de leeruitkomsten en gaat daarover in gesprek met haar collega’s. “Op iedere pabolocatie wil ik met lerarenopleiders Nederlands in gesprek over wat er nu al op het gebied van leesbevordering gebeurt en wat hun behoeften zijn voor dat nieuwe curriculum. Daarna heb ik een mooie basis om met een ontwerponderzoek aan de gang te gaan.” Binnenkort starten de eerste focusgroepen In Den Haag en Dordrecht. Na de zomervakantie zijn Alkmaar, Haarlem en Rotterdam aan de beurt.
Veranderingen
Tijdens het literatuuronderzoek verdiepte Gaby zich in literaire gesprekken en de positieve effecten van met elkaar praten over boeken. “Als studenten deze methodiek op de pabo leren kennen, nemen ze deze vervolgens mee naar hun basisschool. Ik hoop dat ze daar vervolgens ook met hun eigen leerlingen ge-sprekken over boeken voeren.” Samen met collega’s is Gaby bezig met het schrijven van een plan voor de eerstejaarsstudenten zodat zij hier straks mee aan de slag kunnen. “Het is zonde om te wachten tot het onderzoek is afgerond. Mijn collega’s en ik hebben er bijvoorbeeld nu al voor gezorgd dat voltijdstuden-ten komend jaar ruimte in hun rooster krijgen om die literaire gesprekken te voeren. Dat houdt in dat ze allemaal hetzelfde boek of een fragment daaruit lezen en daarover met elkaar in gesprek gaan.”
Daarnaast wil Gaby dat studenten ontdekken welke boeken er allemaal zijn. “We merken dat ze een beet-je blijven hangen in klassiekers als ‘Matilda’ en ‘Kruistocht in spijkerbroek’. En dat zijn hele leuke boeken, maar er zijn er inmiddels veel meer. Daarom vinden we het belangrijk om studenten ook kennis met an-dere boeken te laten maken en hun blik te verbreden.”
“Verder kan jeugdliteratuur bij vakken als geschiedenis, aardrijkskunde of kunst een mooie verbindende factor zijn,” legt Gaby uit. Kinderen hoeven niet alleen feiten te lezen, maar kunnen via een jeugdboek ook veel over een onderwerp leren. “Je gaat dan veel meer in op de beleving en ervaring, die combinatie is heel mooi. Ik hoop dat kinderen én studenten op deze manier meer plezier krijgen in lezen, " sluit Gaby af.