Delft/Langedijk,
10
maart
2021
|
08:35
Europe/Amsterdam

Rijk der Duizend Eilanden

LEM-studenten onderzoeken afkalvende oevers Oosterdelgebied

Studenten Landscape and Environment Management van Inholland Delft zijn september 2020 van start gegaan met het vraagstuk vanuit het Oosterdelgebied in Noord-Holland. Joerie Quist, Arnout de Redelijkheid, Gijsbert Twigt en Mathijn Speelman onderzochten hoe zij afkalvende oevers in het Oosterdelgebied tegen kunnen gaan.

Het Oosterdelgebied, gelegen bij het West-Friese dorp Broek op Langedijk, is verdeeld over 80 hectare land, waarin 200 eilanden verspreid liggen. Al zo’n 900 jaar liggen de eilanden op hun plek. Hierdoor is het Oosterdelgebied vrijwel onaangetast. Helaas is het gebied in de loop der jaren onder invloed komen te staan van moderne veranderingen. Lange tijd hadden deze veranderingen weinig impact. Toch begon er aan het begin van deze eeuw schade op te treden aan de oevers. Daarnaast heeft het Oosterdelgebied last van een grote toename van de geknobbelde Amerikaanse rivierkreeft. Volgens de opdrachtgever, Stichting Veldzorg, was dit de voornaamste oorzaak van de afkalving.

Een ander probleem
De oeverafkalving zorgt ervoor dat de waterkwaliteit sterk achteruit is gegaan. Ook verslechterde het doorzicht en kwamen er te veel voedingsstoffen in het water terecht. Dit alles terwijl het gebied een belangrijke locatie is als verbindingspunt voor trekvogels.

Na grondig onderzoek ontdekten Mathijn en zijn medestudenten dat de schade niet alleen veroorzaakt wordt door de rivierkreeften. Ook andere factoren spelen een rol, zoals de woelrat die gaten graaft en voorbijvarende boten die door hun vaarbewegingen schade aan de oevers veroorzaken. “De opdrachtgever was wel in een soort van shock toen we met onze informatie kwamen”, zegt Joerie.

In hun aanbevelingen schrijven de studenten onder andere dat het maaibeheer moet worden aangepast, zodat het riet daadwerkelijk blijft staan en gebruikt kan worden door verschillende dieren. “Dit zorgt voor meer stevigheid”, aldus Joeri. Andere oplossing is om de oevervegetatie te stimuleren. Ook het baggerbeheer moet worden aangepast om de oevers minder steil te maken.

Pilots
Op basis van alle uitkomsten is de groep aan de slag gegaan met mogelijke beschermingsmaatregelen aan de oever en verschillende systeemmaatregelen. De pilot bestaat uit een testfase van de verschillende maatregelen. Er worden vier variaties van oeverbescherming aangebracht en getest. Vervolgens wordt bekeken welke van de aangedragen maatregelen het beste aanslaat. Joerie: “Ze hebben daarnaast ook een referentievak om te kijken of de maatregelen hun werk zullen doen tegen de afkalving van de oevers”.

Toekomst
De opdracht is nu afgerond. Arnout: “We hebben nu nog steeds veel contact met de opdrachtgever en we zijn van plan om ook terug te gaan naar het gebied om te kijken hoe de pilots nu verder verlopen”. Gijsbert: “Het was een heel uitdagend probleem waarbij we er al snel achter kwamen dat er andere oorzaken speelde in het gebied dat de afkalving veroorzaakte.” En de grootste uitdaging?

Joerie: “Dat was om rekening te blijven houden met alle verschillende belangen in dit gebied. Dit was uitdagend maar wel heel leuk.”